fbpx
Een weeënstorm tijdens je bevalling

Een weeënstorm tijdens je bevalling

weeënstorm

Oh help! Een weeënstorm tijdens je bevalling… en nu?

Een angst welke veel zwangeren hebben is toch wel het krijgen van een weeënstorm tijdens de bevalling. Maar wat is een weeënstorm eigenlijk en wat kun je het beste doen als je er een hebt tijdens je bevalling?

Het hoe wat en waarom van een weeënstorm

Een wee is een ritmische samentrekking van je baarmoeder. Je kunt een wee zien als een soort golfbeweging, hij komt langzaam op, je voelt hem toenemen in intensiteit, hij bereikt een piek en neemt vervolgens weer langzaam af. Een wee duurt meestal ongeveer één minuut waarna je vervolgens weer een paar minuten pauze hebt. Echtwaar, doorgaans heb je langer pauzes dan dat je weeën hebt! Gelukkig maar, want deze pauzes heb je nodig om even bij te komen, een slok water te nemen en op adem te komen voordat de volgende wee zich weer aandient.

Maar hoe zit dat dan met een weeënstorm? Tijdens een weeënstorm heb je 6 of meer weeën per 10 minuten. Ze komen zo kort op elkaar dat je eigenlijk geen echte pauzes meer ervaart. Hierdoor ben je nog aan het bijkomen van de vorige wee wanneer de volgende wee weer toeslaat; een hele pittige uitputtingsslag!

Een weeënstorm komt vaker voor bij een inleiding dan bij een bevalling die spontaan op gang komt. Tijdens een inleiding krijg je via een infuus synthetische oxytocine toegediend. Soms pakt jouw lichaam tijdens de inleiding de draad op en gaat dan lichaamseigen oxytocine maken. Met als gevolg: te veel oxytocine resulterend in een weeënstorm.

Doordat je weeën en de hartslag van de baby tijdens een inleiding continu worden gemonitord middels banden om je buik, worden de vele weeën die je hebt gauw opgemerkt door je verloskundige of arts waarna de pomp voor de synthetische oxytocine een paar standjes lager wordt gezet. Ervaar je enorm veel weeën en is er nog niemand op de kamer geweest om de pomp omlaag te zetten? Druk dan alsjeblieft op de bel en geef aan wat jij nodig hebt. Jij hebt de regie! Als dit niet werkt kan een weeënremmend middel toegediend, waarna je snel wat meer rust zal krijgen.

We zien ook nog wel eens dat vrouwen een weeënstorm krijgen na het spontaan of kunstmatig breken van de vliezen. Door het breken van de vliezen komt er meer oxytocine vrij in je lijf en dit dan net even iets teveel zijn voor je. Wel zien we vaak dat dit zich vaak na 30-60 minuten normaliseert en je weeënfrequentie weer wat afneemt waardoor je meer rust hebt om bij te komen. 

weeënstorm - Laura de Winter
weeënstorm - Laura de Winter fotografie

Mocht jij één van de weinigen zijn die tijdens een natuurlijke bevalling wordt verrast door een weeënstorm of natuurlijk tijdens een ingeleide bevalling; wat je dan ook doet, probeer vooral niet in paniek te raken! Weet dat die krachtige weeën hun werk doen en de bevalling waarschijnlijk een stuk sneller zal verlopen.

Een ‘voordeel’ van een weeënstorm is dus dat de bevalling vaak echt een stuk sneller gaat, maar is dit wel echt een voordeel? Veel vrouwen zeggen achteraf het gevoel gehad te hebben dat hun lijf een loopje met ze nam. Dat het te snel ging en hun hoofd eigenlijk achter de feiten aan liep.

Vrouwen hebben vaak het gevoel geen controle gehad te hebben tijdens de weeënstorm en geven regelmatig aan angstig te zijn geweest door de pijn en de snelheid in de opbouw van de weeën.

Weet dat het heel normaal is dat je lichaam en geest een enorm snelle bevalling echt moeten verwerken. Dus praat er over met je partner en met je verloskundige, schrijf je verhaal op en stel je vragen. Neem je tijd om deze gebeurtenis een plekje te geven en vraag om hulp als je dat nodig hebt.

5 tips om door die weeënstorm heen te komen

  • Rust: Probeer echt rustig te blijven, want pijn verergerd bij angst en paniek. Probeer mee te bewegen met jouw bevalling en uiteraard is dat tijdens een weeënstorm een enorme uitdaging! Maar wanneer je je gaat verzetten tegen de situatie, werkt dat alleen maar averechts en is het lastiger om die intense weeën op te vangen. Probeer daarom, met behulp en ondersteuning van jouw (geboorte)partner en zorgverleners, kalm te blijven en je lijf (én koppie) het signaal te geven: het is oke, ik doe het goed en ik kan dit aan!
  • Warmte: Warmte werkt ontspannend en door beter te ontspannen maak je meer natuurlijke pijnstillers aan. Daarom kan warmte bij een weeënstorm echt helpen de weeën dragelijker te maken en de pauzes tussen je vele weeën door wellicht ook zelfs iets te verlengen. Dus denk aan een douche, een bad, een warme kruik en aan de temperatuur in jouw bevalomgeving.
  • Je ademhaling: Haal jezelf uit die paniek modus door te focussen op je ademhaling. Probeer rustig naar je buik te ademen tijdens de pauzes tussen je weeën door. Tijdens de wee zelf kan het helpen om goed in te ademen door je neus en die inademing in kleine pufjes uit te blazen door je mond. Daarmee blijf je die wee de baas en neemt de pijn niet de overhand. Laat je (geboorte)partner je hierbij ondersteunen. Puf samen met hem of haar die weeën weg, kijk elkaar aan en gebruik zijn of haar ademhalingsritme als houvast. Samen kunnen jullie dit!
  • TENS apparaat: Als je de weeënstorm met name in je rug voelt, kan een TENS apparaat zeker wat verlichting bieden. Doordat je de intensiteit van de TENS zelf kan bepalen, geeft het gebruik vaak ook een gevoel van controle. Een dubbele werking dus! Met een TENS apparaat geef je jezelf stroomstootjes en die stroomstootjes verhogen de aanmaak van natuurlijke pijnstillers en blokkeren de pijnprikkel naar je hersenen.
  • Medicinale pijnstilling: Door een weeënstorm gaat de bevalling vaak snel, mogelijk zelfs te snel voor het gebruik van sommige soorten pijnstilling. Hierdoor is een ruggenprik mogelijk geen optie meer. In sommige ziekenhuizen kun je echter kiezen voor lachgas of bijvoorbeeld het morfine pompje (Remifentanil). Zorg ervoor dat je voorafgaande aan je bevalling al iets meer weet over de verschillende pijnstillingsopties door een cursus te volgen of door je in te lezen. Dit zodat je op het moment zelf weet wat je voorkeur heeft.

Blogpostfoto’s: Laura de Winter fotografie

De eerste echte glimlach van jouw baby

De eerste echte glimlach van jouw baby

De eerste echte glimlach van jouw baby

De eerste echte glimlach van jouw baby

“Hij kan al lachen!”, vertelde een kersverse vader mij trots toen ik op dag 4 na de geboorte bij ze op kraamvisite kwam. “Dat weet ik heus wel, maar laat me nou maar in die waan.”, zei hij toen ik hem vertelde dat dit een reflex was… Sorry to burst your bubble.

Veel mensen weten wel dat de lach van een pasgeboren baby niet bewust gaat, maar hoe zit het nou precies?

De ontwikkeling in verschillende fases

In de baarmoeder: Jouw kindje ontwikkeld zijn of haar lach in verschillende fases en dat begint zelfs al in de baarmoeder! In je buik is je kindje al druk aan het oefenen met verschillende gezichtsuitdrukkingen. Ook het lachen wordt al in de baarmoeder geoefend. Dit blijkt uit onderzoeken met 3D echo’s. Wanneer je zo’n 24 weken zwanger bent, kan jouw kindje al afzonderlijke bewegingen maken met zijn/haar gezichtsspieren. Ze openen hun mondje of steken bijvoorbeeld hun tong uit. Vanaf een week of 35 kan jouw kindje complexere bewegingen tegelijkertijd maken. Zoals het fronsen met zijn/haar wenkbrauwen en het bewegen van zijn/haar neusje. Ongeboren baby’s kunnen nog geen geluid maken, maar de uitdrukkingen die gepaard gaan met huilen of lachen, hebben ze al wel ontwikkeld!

De eerste weken na de geboorte: In de eerste weken na de geboorte van jouw kindje, kan hij/zij af en toe een prachtige, gelukzalige glimlach op zijn/haar lieve snoetje toveren. Dit kan al vanaf dag 3 na zijn/haar geboorte. Vaak gebeurt dit als je kindje net slaapt, net na een voeding, als je hem/haar kriebelt of als je rustig lieve woordjes zegt. Soms is dit maar een halve lach (1 mondhoekje omhoog), dat is mijn persoonlijke favoriet!

4-6 weken oud: Vlak na de geboorte kan een kindje nog niet zo goed/scherp zien, maar vanaf zo’n 6 weken is het zicht zodanig scherp dat de baby dingen van elkaar kan onderscheiden. Als je je gezicht dicht bij je kindje houdt, kan hij/zij je belonen met de allermooiste glimlach. Mensen met een bril of donkere volle wenkbrauwen hebben hierbij een stapje voor, aangezien dit een duidelijker contrast geeft en daarmee zichtbaarder is voor je kindje. Dat is dan dus ook de reden dat je al brildrager wellicht regelmatig aangestaard wordt door een baby in de supermarkt. Nadat het zicht voor je kindje dus beter is, zal je gaan merken dat de reflexmatige lach dus veranderd. Die eerste echte glimlach van jouw kindje zal hij/zij op zijn/haar gezicht toveren naar aanleiding van iets. Meestal omdat je kindje jouw gezicht herkent en daarmee is het dus een hele sociale lach. Een blije lach met van die heerlijke glinsteroogjes. Je kindje maakt contact met je, zoekt verbinding en het wordt voor hem/haar alleen maar leuker als ook jij een big smile teruggeeft! Al gauw gaat je kindje bij dit lachen ook geluidjes maken.

4 maanden oud: Na zo’n 4 a 5 maanden veranderen deze geluidjes in de allerleukste lach van allemaal; de schaterlach! Zo een die iedereen van een rothumeur af kan helpen. Deze prachtige schaterlach kan je uitlokken door de baby te kietelen, knuffelen, gekke bekken te trekken of gekke geluiden te maken.

6 maanden oud: Vanaf 6 maanden oud gaan baby’s mensen herkennen en gaan ze hun mooie lach richten op mensen die ze kennen of leuk vinden.

8 maanden oud: Baby’s ontwikkelen ook in deze periode al een gevoel voor humor. In het begin zal dat nog afhankelijk zijn van of jij het ook grappig vindt en ook moet lachen. Maar al gauw wordt dat afhankelijk van of de baby het zelf grappig vindt. Zo kan vanaf een maand of 8 je kindje bloedserieus blijven kijken als jij iets doet waarvan je zelf denkt dat het grappig is, of in lachen uitbarsten als jij per ongeluk je broodnodige bak koffie uit je handen laat vallen. Vooral deze onverwachtse dingen vinden baby’s vaak erg lachwekkend, neem bijvoorbeeld het kiekeboe-spelletje! Dit gevoel voor humor heeft meer te maken met emotie, namelijk angst als je ‘weg bent’ en blijdschap als je weer tevoorschijn komt. De grens hiertussen is maar een dun lijntje. Als jouw baby wat gevoeliger is kan het dus ook zo zijn dat hij/zij in huilen uit barst van jou iets te enthousiaste ‘kiekeboe’!  

Hoe dan ook, of de lach van jouw baby nou gericht is of niet, een stuiptrekking is of dat je gewoon keihard uitgelachen wordt, het blijft een van de mooiste dingen om te zien! En de lach van jouw baby is natuurlijk de allermooiste 😉

Het glimlachen stimuleren

Kan je echt niet wachten op die eerste echt glimlach van je kindje? Dan kun je je kindje aanmoedigen om te gaan lachen! Het is wel belangrijk dat je je kindje hierbij niet overstimuleert.

Ga in gesprek met je kleintje! Maak hierbij veel oogcontact. Praat tegen hem/haar en geef je kindje de tijd om te “antwoorden”. Trek wat gekke bekken, maak rare geluidjes. Je kindje zal het in zich opnemen en ervan genieten! Daarnaast kan het ontzettend helpen om veel naar je kindje te lachen, want baby’s zijn hele goede imitatoren! Op een gegeven moment zul je zien dat je kindje terug zal lachen. En geniet van deze lach! Lach terug, maak contact. Want we weten allemaal: we willen zoveel mogelijk vastleggen op beeld en zijn daarmee al snel geneigd om onze telefoon erbij te pakken en het te filmen. Maar juist dan verlies je het contact. Neem die brede glimlach in je op, lach terug, klets, behoud oogcontact. Er zullen er vanzelf nog velen volgen!

    Blogpostfoto: Dochter van Larissa Hooglans, Sue

    Waar wil jij bevallen?

    Waar wil jij bevallen?

    De locatie van jouw bevalling - Pure life geboortefotografie

    De locatie van jouw bevalling – Waar zou jij graag willen bevallen?

    Kortgeleden is de thuisbevalling in Nederland uitgeroepen tot Nederlands immaterieel erfgoed. Iets waar wij als verloskundigen erg trots op zijn, want hoe fijn is het dat je als laag risico zwangere de keuze hebt om thuis in je eigen omgeving te bevallen? Er zijn dan ook veel vrouwen die dit een fijn en vertrouwd idee vinden, maar uiteraard ook heel wat vrouwen die dit absoluut niet wensen. En ook dat is prima!

    “Het gaat erom dat je bevalt op een locatie waar jij je veilig voelt, waar jij je goed kunt ontspannen.”

    Maar hoe maak je die keuze? Dat kan soms best lastig zijn en daarom is het wellicht fijn om te weten wat de mogelijke opties zijn. 

    Wanneer er geen medische bijzonderheden zijn voorafgaande aan je zwangerschap, tijdens je zwangerschap en ook je bevalling voorspoedig verloopt, heb je hier in Nederland de keuze om thuis, poliklinisch of in een bevalcentrum of bevalhotel te bevallen. Wanneer er medische bijzonderheden zijn, bestaat er een hoger risico op eventuele complicaties en daarmee ben je medisch en zal je waarschijnlijk in een ziekenhuis bevallen onder begeleiding van een klinisch verloskundige / een arts assistent of gynaecoloog.

    Bevallen in een geboortecentrum, een geboortehotel of in het ziekenhuis zonder medische indicatie 

    Wanneer ga je richting jouw gewenste locatie?
    Wanneer je geen medische indicatie hebt, kun je ervoor kiezen om in een geboortecentrum, een geboortehotel, thuis of poliklinisch te bevallen. Dan zal je eigen verloskundige eerst bij jullie thuis komen. Het is namelijk belangrijk om je te beseffen dat we vaak pas verkassen richting een geboortecentrum/geboortehotel of ziekenhuis wanneer je 5-6 centimeter ontsluiting hebt. Dat betekent dus dat je de eerste centimeters van de ontsluiting toch echt thuis en saampjes doet. Wellicht komt je verloskundige bij je thuis om even te kijken hoe het gaat, naar het hartje van je kindje te luisteren, je bloeddruk te meten en indien gewenst ook een inwendig onderzoek te doen.

    Wanneer je in die fase 1/2/3/4 centimeter ontsluiting hebt (wat heel normaal is voor een eerste inwendig onderzoek!), kan het goed zijn dat jouw verloskundige zegt: goed bezig, ga zo door ik ben rond xxxx uur weer bij jullie terug. In de tussentijd kunnen jullie haar uiteraard bellen wanneer jullie haar nodig hebben.

    Wanneer je 5-6 centimeter ontsluiting hebt, zal je verloskundige je waarschijnlijk vragen wat je zou willen. Wil je thuis blijven of wil je graag verkassen naar een geboortecentrum, geboortehotel of naar een ziekenhuis voor een poliklinische bevalling? Ook tijdens je bevalling kun je dus nog een keuze maken in de locatie rondom jouw bevalling.

    Wellicht heb je tijdens je zwangerschap wel voorgenomen om thuis te bevallen, maar voelt dit tijdens je bevalling eigenlijk niet prettig voor je of andersom. De opties blijven dus gewoon open dus pin je er ook niet te veel op vast tijdens je zwangerschap.

    Ga er open in, heb vertrouwen en luister naar je gevoel!

    Een thuisbevalling

    Een omgeving waarin jij je prettig en ontspannen voelt. Dat is dan ook vaak de reden waarom vrouwen (en hun geboortepartner) thuis willen bevallen. En hoe fijn is het om na de geboorte van je kindje niet meer te hoeven verplaatsen, maar je gewoon in je eigen bed kunt blijven liggen? Wanneer je kiest voor een thuisbevalling, zal jouw verloskundige tijdens de bevalling naar je toe komen om daar jouw bevalling te begeleiden. Tijdens de bevalling zal zij ook jouw kraamverzorgende of het kraambureau bellen voor assistentie tijdens de bevalling.

    Maar is thuisbevallen echt wel zo veilig? Die vraag wordt ons met regelmaat gesteld. En JA! Thuisbevallen is veilig. Wanneer er geen medische indicatie ontstaat, is thuis bevallen een veilige optie. Jouw eigen verloskundige zal tijdens jouw bevalling keer op keer weer een risico inschatting maken. Of dit nu thuis, poliklinisch of in een geboorte- centrum of hotel is. Wanneer er tijdens de bevalling een medische indicatie ontstaat, zal de verloskundige jullie tijdens de bevalling verwijzen naar het ziekenhuis. Echter komen complicaties tijdens de bevalling maar weinig voor en ook wij als verloskundigen kunnen handelen in een thuissituatie.

    We hebben alles bij ons om een thuisbevalling veilig te laten verlopen en ook om bij bepaalde spoedsituaties te kunnen handelen wanneer dat nodig blijkt te zijn (de kans is overigens heel klein dat er een spoedeisende situatie ontstaat). Je moet je een beetje voorstellen dat er een soort mini ambulance in onze auto ligt. Hierin zitten bijvoorbeeld hechtspullen, hechtmateriaal en verdoving, medicatie welke wij kunnen geven bij ruim bloedverlies na de bevalling, een katheter om de blaas te legen of te vullen, zuurstof voor moeder en kind, en nog veel meer!

    Tijdens de bevalling zal je verloskundige al haar spullen klaarleggen. Dit zodat, indien het toch nodig blijkt te zijn, zij direct kan handelen.

    Wanneer je kindje en de placenta geboren zijn en er eventueel gehecht is als dat nodig is, krijg je wat te eten waarna je onder begeleiding van ons (verloskundige en/of kraamverzorgende) even lekker kunt douchen. Nee, geen uren onder de douche, maar je gewoon even afspoelen. In de tussentijd zorgen wij ervoor dat je bed weer heerlijk schoon is. Gooien we het beddengoed direct in de was en kun je schoon en wel je bed instappen om daar bij te komen van je bevalling.

    “Maar jullie willen als verloskundigen toch dat iedereen thuis bevalt?”

    Dat is een vraag die geregeld gesteld wordt, maar ook een vraag waarop wij een duidelijk antwoord hebben. Namelijk: nee! Wij willen dat iedereen een positief gevoel overhoud aan haar bevalling, erop terug kijkt als een positieve geboorte ervaring. Wij willen dat vrouwen bevallen op een locatie zij zich prettig voelen, waarin zij zich goed kunnen ontspannen. En ja, natuurlijk zijn wij trots en blij met de keuzevrijheid die er hier in Nederland is en juist daarom zullen wij jou ondersteunen en begeleiden in jouw keuze. We bewegen met je mee en staan naast je! 

    Een geboortecentrum / geboortehotel of poliklinisch

    Wanneer je besluit te willen verkassen naar een geboortecentrum of geboortehotel, zal jouw verloskundige gaan bellen om te vragen of er plek is. Wanneer jullie mogen komen, zal jullie verloskundige met jullie mee gaan. Zij zal achter jullie aan rijden en de verdere bevalling op die gewenste locatie verder begeleiden.

    In verschillende regio’s van ons land bestaan er geboortecentra en hotels. Wij omschrijven dit eigenlijk altijd als de niet witte bevalkamer. Ze proberen de kamers huiselijk in te richten zodat ook daar een fijne, ontspannen en huiselijke sfeer gecreëerd wordt. In een geboortecentrum of geboortehotel zal de verloskundige, net als in een thuissituatie, ondersteund worden door een kraamverzorgende.

    Wat belangrijk is om te weten, is dat niet ieder geboortecentrum of geboortehotel verbonden is aan een ziekenhuis. Dat kan dus betekenen dat, wanneer er tijdens je bevalling een medische indicatie ontstaat, je dus nog moet verkassen naar een (ander) ziekenhuis.

     In een geboortecentrum, een geboortehotel en in het ziekenhuis zijn er verschillende ‘attributen’ aanwezig. Attributen denk je misschien? Ja, daarmee bedoelen we een baarkruk, een geboortebal, een douche en soms is er daarnaast ook een bad aanwezig of is er een mogelijkheid om een bad te huren en aldaar op te zetten. Vraag naar de mogelijkheden bij jouw eigen zorgverlener. Daarnaast zijn meeste verloskamers in het ziekenhuis tegenwoordig mooi en rustig ingericht. Er hangt een ontspannen sfeer en vaak is er ook een comfortabele (slaap)bank aanwezig voor je geboortepartner.

    Een medische bevalling

    Als je een medische indicatie hebt om in het ziekenhuis te bevallen, dan komt er geen verloskundige thuis. Wanneer de bevalling begonnen is, bel je het ziekenhuis en dan ga je (in overleg met hen) naar het ziekenhuis toe.

    Je bevalling wordt dan begeleid door een klinisch verloskundige of een arts-assistent en een verpleegkundige. Ook wanneer je medisch bent, kun je eigen spulletjes meenemen naar het ziekenhuis als jij je daar prettig bij voelt. Tegenwoordig is het in meerdere ziekenuizen ook bij een medische bevalling mogelijk om in bad te bevallen of je ontsluitingsweeën op te vangen wanneer je die wens hebt. Er zijn ziekenhuizen met ingebouwde geboortebaden, maar het kan ook mogelijk zijn om een eigen (gehuurd of gekocht) geboortebad mee te nemen of aldaar te huren. Vraag hiervoor naar de mogelijkheden bij jouw zorgverlener. 

    Een plaatsindicatie
    Het kan ook zo zijn dat je een plaatsindicatie hebt om in het ziekenhuis te bevallen. We noemen dit ook wel een BD indicatie. Bijvoorbeeld wanneer je een hoog BMI hebt of wanneer je tijdens jouw vorige bevalling ruimer bloed hebt verloren. Dan mag jouw eerstelijns verloskundige jouw bevalling nog steeds begeleiden, maar heb je wel een lichte medische indicatie en zal de bevalling dus in het ziekenhuis plaatsvinden.

    Hoe maak je die keuze?

    Het gaat erom dat jij bevalt op een locatie waar jij je prettig voelt, waarin jij jezelf in jouw eigen kracht kunt zetten en zo goed mogelijk kunt ontspannen. Het fijne aan het Nederlandse zorgsysteem is dat we een keuze hebben, kunnen kijken wat goed voelt. En weet: thuisbevallen is, wanneer je een laag risico zwangerschap hebt, net zo veilig als in het ziekenhuis.

    Het is fijn om er tijdens je zwangerschap al een beetje over na te denken, maar je legt niets vast. Het kan tijdens je bevalling ineens heel anders voelen en het is belangrijk om daar naar te luisteren! Pin je er dus niet teveel aan vast, laat het los en volg je intuïtie.

    De plaats van jouw bevalling - Pure life geboortefotografie

    Wat is handig om in huis te halen voor een thuisbevalling? 

    In geval van een thuisbevalling is het belangrijk dat je een kraampakket in huis hebt. Hier zitten benodigdheden in zoals matjes, gaasjes en een navelklem of cordring welke wij nodig hebben tijdens de bevalling. Ook wanneer je je hebt voorgenomen om poliklinisch of bijvoorbeeld in een geboortecentrum te bevallen, is het belangrijk dat je een kraampakket in huis hebt. Waarom? Omdat je nooit weet waar je uiteindelijk bevalt. Wellicht voelt het thuis toch beter of gaat het simpelweg te snel om nog te verkassen naar een andere locatie. Vaak wordt het kraampakket vanuit de aanvullende verzekering vergoed. Gebruik je hem uiteindelijk niet of heb je nog spullen uit het kraampakket over? Geef dit na je kraamtijd aan je verloskundige of doneer het aan bijvoorbeeld stichting babyspullen. Er zijn altijd vrouwen welke het minder breed hebben en niet aanvullend verzekerd zijn. Alle beetjes helpen voor hen!

    Daarnaast is het fijn als het bed wat hoger staat, op zogenoemde klossen (minstens 80 centimeter hoog). Verloskundige Manon herinnert zich namelijk nog heel goed dat zij in 2016 een bevalling op een luchtbed begeleid heeft. Prima natuurlijk en op dat moment zelf redden wij het echt wel, maar de dagen daarna was dit behoorlijk voelbaar in rug en nek. Ook wij gaan graag nog een aantal jaartjes mee! Dit geldt uiteraard ook voor je kraamverzorgende, want gedurende de kraamweek zal zij controleren of jouw baarmoeder na de bevalling mooi zakt, of een eventueel ruptuur mooi geneest en zal zij onder andere ondersteunen met het voeden van je pasgeboren spruit.

    Daarnaast is stromend water uiteraard fijn. Voor jezelf, want douchen is vaak erg prettig gedurende je bevalling, maar ook voor ons. Denk hierbij aan het wassen van onze handen, een warme washand welke we tegen je perineum kunnen houden tijdens de persfase, het schoonmaken van gebruikte klemmetjes etc.

    Extra’s voor mee naar een ziekenhuis of geboortecentrum

    Het kan fijn zijn om wat persoonlijke spulletjes mee te nemen om daarmee de kamer ook persoonlijker te maken. Hierdoor kun je beter ontspannen en dat is bevorderlijk voor het proces! Zo kun je denken aan een boxje voor muziek, een eigen badjas/kussen, een (zout)lampje of bijvoorbeeld etherische oliën. Dit kan helpen om een diepere ontspanning te bereiken.

    Wanneer jullie gebruik willen maken van een cordring in plaats van een navelklemmetje, is het belangrijk dat jullie ook die meenemen. Dit omdat ze nog niet in ieder ziekenhuis een cordring hebben. Kraamverbanden etc. hoef je niet zelf mee te nemen, deze zijn aanwezig.

    Daarnaast is het vaak fijn om voorafgaande aan de bevalling al even na te gaan bij je zorgverzekeraar of er extra kosten bij een poliklinische bevalling of een bevalling in een geboortecentrum of hotel komen kijken. Je huurt daar tijdens je bevalling een kamer en vanuit de aanvullende verzekering wordt dit soms (deels) vergoed, maar niet altijd.

    De locatie van jouw bevalling - Pure life geboortefotografie

    De angst heeft niet gewonnen – wanneer er borstkanker geconstateerd wordt tijdens je borstvoedingsperiode

    De angst heeft niet gewonnen – wanneer er borstkanker geconstateerd wordt tijdens je borstvoedingsperiode

    Margo Canwood - de angst heeft niet gewonnen

    “De angst heeft niet gewonnen”

    – wanneer je de diagnose borstkanker krijgt tijdens je borstvoedingsperiode

    Het verhaal van Margo Canwood
    27 jaar was ik, toen ik de diagnose borstkanker kreeg. Een triple negatieve, ductale tumor van 2,1 centimeter zat in mijn linkerborst. Ik gaf borstvoeding en kreeg per ongeluk een stoot tegen mijn borst. Er ontstond een blauwe harde plek. Ik dacht nog dat het wel weer een ontsteking zou zijn, daarvan had ik er immers al drie op die plek gehad.

    De blauwe plek verdween, de knobbel niet. Er ontstond een ronde, rode, jeukende plek vlak boven de knobbel. De huisarts voelde niet genoeg om mij door te sturen voor een echo. Zelfs niet toen ik aangaf dat mijn oma 32 was toen zij de diagnose borstkanker kreeg, én ik vond dat de knobbel slechter te voelen was die dag. Ik kreeg een recept voor een zalf mee en als het na drie weken nog niet weg was moest ik maar terugkomen. Die zalf heb ik nooit opgehaald en ik heb na de drie weken gebeld en gezegd dat ik niet zou langskomen maar echt nu een echo wilde laten maken in het ziekenhuis. Toen ik de paniek in de ogen van de echoscopist zag, wist ik genoeg… dit was niet goed.

    Onderzoeken, puncties, biopten en een MRI-scan

    Toen begon een hele rits aan onderzoeken, puncties en biopten werden genomen, een MRI-scan en ik kreeg een behandelplan. Omdat wij een maand voor mijn diagnose een huis hadden gekocht, moesten we ook nog verhuizen naar de andere kant van het land.

    16 chemokuren zou ik krijgen. Vier zware kuren van twee componenten chemo om de drie weken, en twaalf wekelijkse kuren met om de drie weken tweede component erbij. Ik heb er uiteindelijk 15 gehad, waarvan de laatste op 75%. Ik kon niet meer. Ik voelde mijn tenen niet meer en had zo veel pijn op mijn borstbeen en in mijn hoge rug. In overleg met de oncoloog, verpleegkundig specialist (beiden echt toppers!), besloot ik samen met mijn man en vader om de behandelingen te stoppen, het was genoeg zo.

    Het BRCA1 gen

    Tijdens al die chemokuren had ik tijd om uit te zoeken wat ik met mijn borsten wilde; behouden of ging ik voor een borstamputatie? Ik bleek gendrager van het BRCA1 gen te zijn. Op de dag van de eerste chemo, gaf ik voor de laatste keer borstvoeding aan onze dochter. Dat is een van de moeilijkste momenten geweest.

    “Een volgend kindje ook borstvoeding kunnen geven, dat werd mijn focus om door de chemo’s heen te komen.” 

     Ik besloot er alles aan te doen om voor nog een kindje te kunnen gaan, en dat kindje borstvoeding te kunnen geven werd mijn focus om door de chemo’s heen te komen.

    In gesprek met de chirurg kwam ik met een hoop opties die ik wilde bespreken, het is niet zomaar wat en ik wilde achteraf geen spijt krijgen, dit moest mijn keuze zijn. De chirurg dacht daar anders over, veegde zo mijn opties van tafel. Ik moest de voorgestelde operatie doen, voor mijn man en dochter (2 jaar, die op dat moment op mijn schoot zat).

    Het risico moest zo klein mogelijk worden en dat was de enige manier. Ik heb de chirurg gezegd dat ik deze keuze niet ging maken op basis van angst. Haar antwoord: als je de operatie niet wil die ik voorstel dan weet ik niet of ik je wel wil opereren. Zo onder druk gezet worden wilde ik niet. Ik ben voor een second opinion naar een ander ziekenhuis gegaan en de chirurg daar wilde alles met mij doornemen, gaf goede uitleg waarom iets wel of juist niet kon.

    En ja, ik heb uiteindelijk de operatie gehad die de eerste chirurg voorstelde. Maar wel op mijn voorwaarden en door de chirurg die alles uitlegde en geen druk en voorwaarden verbond aan de operatie die voor mij zo spannend was.

    Na de operatie

    Op het moment dat mijn operatie en check ups erop zaten, was ik in het ziekenhuis klaar. Je medisch traject is dan rond (op de controles na natuurlijk).

    “Hij deed het zodat ik kon leren accepteren dat het nu zo is en hij mij hoe dan ook prachtig vindt.”

    Thuis, het genezen van de operatiewond, het accepteren dat ik nu aan een kant plat ben. Mijn man heeft mij hier zo enorm in gesteund. Elke dag maakte hij een foto, met een smoes, zodat ik de wond goed in de gaten kon houden. Hij deed het zodat ik kon leren accepteren dat het nu zo is en hij mij hoe dan ook prachtig vindt. Hoewel ik het eigenlijk niet wilde, zag en voelde ik wat het deed voor ons beiden. Het was helend.

    Tijdens het ziekenhuis traject had ik een hele lieve cranio sacraal therapeute, zij behandelde mijn lijf en ik kon bij haar vertellen, ze gaf ruimte voor alles dat ik voelde. Omdat ze ook als kindercoach werkte nam ik onze dochter mee zodat ook zij de ruimte kreeg voor haar gevoelens en wij handvatten om haar te steunen.

    Een moeilijke tijd volgt

    Na het ziekenhuis traject kwam een hele moeilijke tijd. Ik had het psychisch erg zwaar. De zorgeloosheid van het leven zoals ik die eerst kende was weg. Dagelijkse angst voor de dood, het achterlaten van mijn gezin was iets waar ik ontzettend bang voor was.

    Ik zocht al in het begin van het hele traject hulp van een psycholoog waar mijn man en ik samen naar toe gingen. In het begin ging dit goed, maar voor mijn individuele proces was hij niet de juiste match. Ik begon af te glijden en had hulp nodig van iemand die EMDR kon doen. Uiteindelijk heb ik een hele lieve goede psycholoog getroffen die door middel van EMDR heel snel de noodzakelijke hulp kon bieden. Ook hielp ze mijn man en mij elkaar weer te vinden, zo’n heftige tijd kan een hele zware druk op je relatie leggen.

    Margo Canwood

    Een tweede kindje

    Toen het echt weer een heel stuk beter ging met mij zelf, onze relatie en ons gezin besloten we dat het tijd was om voor een tweede kindje te proberen. Onderzoekjes in het ziekenhuis wezen uit dat mijn vruchtbaarheid drastisch was verminderd. Het was zeker nog niet onmogelijk, maar de gynaecoloog schrok wel van de resultaten, die had ze niet verwacht. Op de ochtend dat ze belde met deze uitslagen, had ik echter een positieve zwangerschapstest in handen.

    Ik begon na 1,5 week te bloeden, we mochten langskomen voor een echo. De verloskundige zag dat er niks meer was en vertelde dat ik een miskraam zou krijgen. Op het eerdere bloedverlies na, bleef deze echter uit. Vier dagen na die eerste echo, kreeg ik weer een echo en na lang zoeken riep de verloskundige IK ZIE EEN HARTJE!! Ik bleek zwanger te zijn geweest van een tweeling en een kindje was, heel goed verstopt, blijven zitten. Opluchting om het kindje dat er nog zat en ook verdriet om het kindje dat maar zo kort mocht blijven. 

    De zwangerschap

    De zwangerschap verliep niet geheel zonder zorgen. Door de chemokuren kon mijn hartfunctie aangetast zijn en ik moest bij 20 en 30 weken zwangerschap een echo van mijn hart laten maken. Ook de angst voor het verliezen van dit kindje was aanwezig. Met 40 weken zwangerschap is onze prachtige zoon geboren.

    “Het is gelukt, de angst heeft niet gewonnen.”

    Een helende bevalling was het, mijn man en ik als eenheid, samen met de verloskundige en verpleegkundige die zo ontzettend lief voor ons waren en alles duidelijk uitlegden. Het is gelukt, de angst heeft niet gewonnen.

    Margo Canwood
    Margo Canwood - de angst heeft niet gewonnen

    Foto’s: Margo Canwood, de blogpostfoto is gemaakt door Lisa Joy Fotografie

    Welke houding kun je het beste aannemen tijdens de persfase?

    Welke houding kun je het beste aannemen tijdens de persfase?

    Je houding tijdens de persfase (uitdrijving)

    Zo ergens tussen de 30 en 36 weken van je zwangerschap zal je zorgverlener de bevalling met je doornemen. De belinstructies worden besproken en de geboortewensen worden doorgenomen. Wanneer we het tijdens dit gesprek hebben over de persfase, ook wel de uitdrijving genoemd, vragen we meestal of ze daar nog bepaalde wensen in hebben. Heb je bijvoorbeeld specifieke wensen rondom je pershouding? In welke houding zou je graag willen bevallen? We krijgen dan vaak als antwoord: “Gewoon, de normale manier.”

    De normale manier… Tjsa, maar wat is dat dan? Dat is dan ook de vraag die wij vervolgens stellen. En dan volgt er regelmatig een verbaasde blik, want weten wij – verloskundigen, dan niet wat ‘de normale manier is’?

    De waarheid is dat wij natuurlijk best weten wat er met ‘de normale manier’ bedoeld wordt, namelijk veelal liggend op de rug in een bed. Of zoals Rachel in de serie Friends, half liggend met de benen omhoog getrokken. Hetgeen dat wij vaak terugzien in de media. Dat is de houding die bedoeld wordt met ‘de normale manier’, maar is dit eigenlijk wel zo normaal? En is een horizontale baringshouding wel zo bevorderlijk voor het proces? 

    Wat deden we vroeger?

    Maar wat deden we vroeger dan? Als wij jaren terug in de tijd zouden kunnen kijken naar bevallingen, dan zouden we bevallende vrouwen waarschijnlijk in een hurkzit steunend tegen een boomstam of hangend aan een lage tak hun kindje zien baren.

    Door de pijnstilling die wordt gebruikt tijdens de ontsluitingsfase en voor het gemak van de zorgverleners die je tijdens je bevalling begeleiden, is de houding waarin wij bevallen door de jaren heen veranderd naar liggend op de rug. MAAR in werkelijkheid komt deze liggende houding het proces van de bevalling niet altijd ten goede. 

    Waarom is een rugligging soms niet bevorderlijk voor het proces?

    Alleereerst willen wij wel even benoemd hebben dat als je naar onderzoeken kijkt, dat ongeveer 85% van de vrouwen uiteindelijk liggend op haar rug bevalt. Dus het is zeker niet dat dit onmogelijk is, maar als je naar de anatomie kijkt is dit eigenlijk helemaal geen logische baringshouding.

    Want als je op je rug ligt of ver achterover zit, drukt het matras je heiligbeen en staartbeentje namelijk een stukje naar binnen. Dit heeft als resultaat dat je bekken, waar je je kindje doorheen perst, met ongeveer 1/3e van de potentiële ruimte kunt vernauwen!

    Daarnaast zit er een kleine bocht in je baringskanaal. Wanneer je rechtop staat, buigt het laatste stuk van je baringskanaal namelijk een beetje naar voren toe, richting je schaambot. Je kunt je voorstellen dat wanneer je op je rug ligt, je tijdens het laatste stukje persen eigenlijk tegen de zwaartekracht in perst. Probeer je tenslotte eens voor te stellen dat je liggend op je rug moet poepen. Dit lijkt erg onlogisch toch?

    Hoe dan wel?

    Het gaat er met name om dat jij een houding kiest waarin jij je prettig voelt, zowel tijdens de ontsluitingsfase als de persfase. Een houding waarin jij je kunt ontspannen, jij jezelf krachtig voelt en het goed voelt om in te persen. Volg hierin dus vooral je intuïtie! 

    Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om op een baarkruk of in een diepe hurkzit te persen. Het grootste voordeel van deze houding is dat zwaartekracht je in deze houdingen een handje helpt. Daarnaast is er meer ruimte in je bekken en voelt dit ongetwijfeld als een natuurlijkere houding om in te persen. In deze houding kan je (geboorte)partner achter je zitten. Tussen de weeën door kun je dan heerlijk achterover leunen en steun zoeken in zijn of haar armen. Baarkrukken zijn altijd aanwezig in de ziekenhuizen en de meeste verloskundigen hebben er standaard een in de auto. Controleer wel even bij jouw verloskundigenpraktijk of dit zo is. Zo niet, dan kun je er eventueel een huren bij een thuiszorgwinkel.  

    Op handen en knieën (all fours positie) of ellebogen en knieën kan ook. Opnieuw is hier de zwaartekracht een geweldige hulp om jouw kindje geboren te laten worden. Daarnaast ligt je bekken helemaal vrij en is er meer ruimte in je bekken waardoor de geboorte vaak makkelijker is. Tussen de weeën door kan je (geboorte)partner je onderrug masseren of bijvoorbeeld een koud washandje in je nek leggen.

    Door de noodzaak van continue monitoring van de baby, door pijnstilling of door vermoeidheid belanden veel vrouwen gedurende de persfase toch in bed. Maar weet wel dat je dan prima nog op je zij kunt draaien. De zwaartekracht mis je hier, maar de beweeglijkheid in je heiligbeen heb je hier wel waardoor de bekken uitgang groter is. Want stel: je bent gebonden aan het bed en hebt weinig kracht in je benen, maar je voelt aandrang voor ontlasting. Dat lijkt dat ons dus knap lastig op je rug. Het klinkt al een stuk makkelijker wanneer je naar je zij draait!

    Hierbij ligt je onderste been in de foetushouding en trek je je bovenste been vanuit de knieholte, gebogen naar je toe. Hier kan jouw geboortepartner of zorgverlener uiteraard ook een rol in spelen. De zwaartekracht mis je hier, maar de beweeglijkheid in je heiligbeen heb je hier wel waardoor de bekken uitgang groter is.

    En weet ook: wordt jouw kindje continue gemonitord middels het CTG apparaat? Ook dan heb je nog bewegingsvrijheid. Je kunt in en rondom je bed bewegen. Dus pak die bewegingsvrijheid en luister naar je gevoel. Daarnaast is het zo dat ze in een aantal ziekenhuizen de mogelijkheid hebben tot draadloos CTG. 

    TIPS!

    Afwisseling is belangrijk

    Het is dus belangrijk dat jij tijdens jouw bevalling luistert naar je lijf. Wat voelt op dat moment als een fijne houding? In welke houding kun je goed ontspannen en lukt het je om je weeën goed op te vangen? En daarnaast: wissel veel van houding! Ook tijdens de persfase is dit mogelijk!

    “Daarom is afwisseling the key.”

    Want bij een eerste bevalling kan de persfase wel één tot twee uur duren. En niemand vindt het fijn om gedurende zo’n lange tijd in dezelfde houding te blijven zitten/staan of liggen. Daarom is afwisseling  the key!  Door zelf je houding te kiezen, te doen wat op dat moment goed voelt voor je lijf en door de mogelijkheid te hebben om je houdingen af te wisselen, ervaren vrouwen minder pijn, duurt de persfase vaak korter en kijken vrouwen vaak positiever terug op de gehele bevalling. Daarnaast kan een verticale houding tijdens de persfase de kans op een vacuümpomp of knip verkleinen.

    Dus laten we vanaf nu zeggen: ‘de normale manier’ is een manier waarin je veel van houding wisselt, luistert naar je inuïtie en je de zwaartekracht zo nu en dan haar werk laat doen!

    Pershoudingen - Naomi Vonk fotografie

    Blogpost foto: Naomi Vonk fotografie