fbpx
Coaching rondom zwangerschap en geboorte

Coaching rondom zwangerschap en geboorte

Coaching rondom zwangerschap en geboorte

Het krijgen van een kind is iets geweldigs, voor velen een langgekoesterde droom die werkelijkheid wordt. Maar: een zwangerschap en een bevalling kunnen grote psychische en lichamelijke gevolgen hebben voor een vrouw. En voor die gevolgen is er wat Laura Langelaar betreft nog te weinig ruimte een aandacht. Precies daarom is zij twee jaar geleden Laura Langelaar Verloscoaching gestart. In haar praktijk kunnen vrouwen én mannen terecht die vóór, tijdens of na de zwangerschap gevoelens van angst, schuld, schaamte, verdriet, boosheid, rouw of onzekerheid ervaren. Verloscoaching biedt laagdrempelige ondersteuning waarbij begrip en erkenning voorop staan. In deze blog zal Laura meer over haar coaching vertellen.

Laura aan het woord

Het zou standaard moeten zijn

In mijn ideale wereld krijgt iedere vrouw die een kinderwens heeft, in verwachting of bevallen is, standaard een aantal gesprekken aangeboden. Het is zo’n enorm life-event, er zou wat mij betreft veel meer aandacht mogen gaan naar de impact die dit heeft op het welzijn van de vrouw. De vrouwen die bij mij aankloppen, komen met uiteenlopende verhalen: het zijn vrouwen die in een IVF-traject zitten, het zijn zwangeren die vol angst toeleven naar de bevalling, het zijn moeders die worstelen met hun nieuwe rol, het zijn ouders die hun kind verloren hebben.

Toestemming

Wat ik merk is dat veel vrouwen zichzelf de mond snoeren met de gedachte dat ze niet zo moeten zeuren en dat het veel erger had kunnen verlopen. Het is belangrijk om hen als het ware toestemming te geven om te mogen voelen wat ze voelen. Of om te mogen rouwen bijvoorbeeld.Rouwen gaat namelijk niet alleen over het verliezen van een persoon. Rouwen gaat ook over het verliezen van verwachtingen, van dromen, van hoop, van gezondheid.                                                                                                             

Een vrouw die een gezond kind ter wereld brengt middels een onverwachte keizersnede, is uiteraard blij en dankbaar dat zij en haar kind in goede gezondheid zijn. Maar daarnaast zie je vaak dat ze tegelijkertijd erg verdrietig is omdat ze niet vaginaal heeft kunnen bevallen, zeker als ze daar allerlei mooie verwachtingen bij had. Het lijkt erop alsof dit gevoel er minder of niet mag zijn. Voor de buitenwereld zijn de zwangerschap en bevalling ‘afgerond’, maar voor de vrouw in kwestie niet. Dit kan ertoe leiden dat ze zich eenzaam gaat voelen en daar bovenop ontwikkelt zich vaak een schuldgevoel: ‘Waarom kan ik niet gewoon blij zijn?’

Veiligheid

Het allerbelangrijkste in het contact met cliënten vind ik de veiligheid die de client hopelijk voelt om alles, maar dan ook werkelijk alles te durven zeggen. Ze mag haar zwangerschap en kind vervloeken, ze mag opgelucht zijn na een miskraam, ze mag huis en haard willen verlaten omdat ze gek wordt thuis. Er bestaan nog teveel taboes op het gebied van zwangerschap, bevalling en moederschap: laten we ze alsjeblieft met z’n allen omverwerpen en onszelf bevrijden van het belemmerende en soms zelfs verstikkende effect dat ze hebben op ons.

Op maat gemaakt traject

De vrouwen die bij mij aankloppen zijn verschillende persoonlijkheden, met verschillende achtergronden en verschillende hulpvragen. Ik werk daarom niet met een vastomlijnd coachtraject maar bekijk en bespreek per client wat zij nodig heeft en wat ik kan inzetten. Dit zijn sowieso gesprekken (soms zijn er drie nodig, soms tien), maar ik geef ook regelmatig oefeningen en opdrachten mee: denk aan ontspanningsoefeningen, een schrijfopdracht of het opvragen van het medisch dossier om het vervolgens samen door te nemen.

Intermezzo:

Een client die ik nooit zal vergeten is Trudy, wiens eerste bevalling een heftige, traumatische ervaring was. Hierdoor ontwikkelde zich een behoorlijke angst voor haar tweede bevalling. Door uit te pluizen waar die angst precies over ging, heb ik haar stapje voor stapje op weg kunnen helpen om haar volgende bevalling met vertrouwen tegemoet te treden. Trudy blikt terug op het coachingstraject: Laura heeft me op een laagdrempelige manier geholpen. Door de combinatie van een opleiding in de verloskunde en haar coaching skills, kon zij veel praktische tips geven en dieper ingaan op hoe een bevalling werkt. Ook kon zij mij goed voorbereiden op gesprekken met medisch specialisten. Laura had snel door waar de kern van mijn trauma zat, waardoor we samen konden toewerken naar het overwinnen van mijn angsten. Ik ben er van overtuigd dat ik mede hierdoor een fijne en soepele bevalling heb gehad.”   

Soms is er meer nodig

De meerwaarde van mijn coaching zit in mijn brede ervaring.  Als professional heb ik jarenlang gewerkt als trainer/docent/coach. Daarnaast heb ik door mijn vierjarige ervaring als verloskundige in opleiding alle facetten van het vak leren kennen en praktiseren. 

Wat ik belangrijk vind als coach, is helder hebben voor jezelf waar de grenzen van je eigen kunnen liggen. Sommige vrouwen die een traumatische bevalling hebben meegemaakt, hebben genoeg aan een aantal gesprekken met mij. Anderen hebben meer gespecialiseerde hulp nodig, zoals een EMDR-behandeling, en dienen doorverwezen te worden. Het is aan mij om dat goed in te schatten en om die reden doe ik regelmatig aan bijscholingen en cursussen op het gebied van de geestelijke gezondheid.

In de praktijk of thuis bij de cliënt

Laura Langelaar Verloscoaching is een kleinschalige praktijk in Katwoude (gemeente Waterland) op 10 minuten reisafstand van Amsterdam-Noord. De praktijk is makkelijk bereikbaar met auto en openbaar vervoer. Afspraken kunnen zowel overdag als ’s avonds gepland worden en vinden plaats in de praktijk of in overleg bij de client thuis. Kijk voor meer informatie op www.verloscoaching.nl.

Blogpost door Laura Langelaar, Verloscoaching; www.verloscoaching.nl

Wat als je kindje te vroeg geboren wordt?

Wat als je kindje te vroeg geboren wordt?

Wat als je kindje te vroeg geboren wordt?

Wanneer je kindje vóór de 37 weken geboren wordt, spreken we van vroeggeboorte ofwel prematuur. Dus ook wanneer jij bij een termijn van 36 weken en 6 dagen bevalt, spreken we van vroeggeboorte. Prematuur betekent letterlijk: ‘vóór de rijpheid’. We maken een onderscheid tussen kindjes die tussen de 32 en 37 weken geboren worden en kindjes die nog vóór de 32 weken ter wereld komen. Een vroeggeboorte kan spontaan optreden of kunstmatig worden opgewekt. 

Een te vroeg geboren kindje ziet er in principe hetzelfde uit als een kindje die na een termijn van 37 weken geboren wordt. Je kindje is namelijk helemaal af. Wel zijn ze voor de 37 weken nog erg klein en missen ze nog wat baby vetjes. Hierdoor zien ze er vaak kwetsbaarder uit. Ook hebben kindjes die vroeg geboren worden nog meer huidsmeer. Wanneer je kindje heel vroeg geboren wordt, kan het huidje van je kindje er rood en glanzend uit zien.

Hoe vaak komt een vroeggeboorte voor?

Zo’n 6,9% van de kindjes worden in Nederland te vroeg geboren. Vaak begint deze vroeggeboorte spontaan (80% van de gevallen) en is niet duidelijk wat de oorzaak van deze premature bevalling is. Spontane vroeggeboortes volgen vaak op het spontaan breken van de vliezen. Het kan ook zo zijn dat de vroeggeboorte kunstmatig is opgewekt (20% van de vroeggeboortes wordt opgewekt). Dit vanwege een zwangerschapscomplicatie waarbij de artsen denken dat het voor jou en/of de baby veiliger is om buiten de buik verder te groeien.

Wat zijn veel voorkomende problemen bij te vroeg geboren kindjes?

Wanneer je kindje te vroeg geboren wordt, kan je kindje tegen verschillende problemen aanlopen. Vanaf ongeveer 34 weken zijn de longen van je kindje goed gerijpt. Wanneer kindjes vóór deze termijn geboren worden, hebben zij vaker moeite met de ademhaling. Daardoor hebben deze kleintjes vaker moeite om het zuurstofgehalte in het bloed (saturatie) zelf op peil te houden. Daarom is het soms nodig om de ademhaling van je kindje extra te ondersteunen.

Ook zien wij vaker dat te vroeg geboren kindjes het lastig vinden om hun lichaamstemperatuur en glucosespiegel (suikerspiegel) in hun bloed zelf op peil te houden. Dit doordat je kindje minder reserves en babyvetjes heeft in vergelijking met een voldragen baby.

Normaal gesproken worden overtollige rode bloedcellen in de lever afgebroken. Aangezien de lever van een voldragen kindje nog wat onrijp is, zie je dat de lever van een prematuur geboren kindje hier nog meer moeite mee heeft. Hierdoor lukt het je kindje niet goed om de afbraakproducten (bilirubine) van de rode bloedcellen te verwerken en komt dit in het bloed terecht. Bilirubine veroorzaakt geelzucht. Wanneer je kindje goed drinkt, zal hij/zij deze overtollige hoeveelheid goed uit kunnen poepen en plassen. Prematuur geboren kindjes hebben hier echter meer moeite mee. Daardoor is het soms nodig om je kindje hierbij te ondersteunen door fototherapie. Het blauwe licht van de lamp helpt je kindje de bilirubine af te breken.

Een te vroeg geboren kindje is daarnaast gevoeliger voor infecties. Om deze reden wordt de conditie van je kindje goed in de gaten gehouden en wordt er snel gestart met antibiotica wanneer er een vermoeden is van een infectie.

Voedingsproblemen

Drinken kost veel energie, vooral voor een prematuur geboren kindje. De kaakjes van je kindje zijn vaak nog niet sterk genoeg om goed aan de borst te drinken en ook het zuig- en slikproces is nog niet volledig ontwikkeld. Daarnaast zijn de darmen vaak nog onrijp waardoor zij de voeding soms nog niet goed kunnen verdragen. Hierdoor kan het voor je kindje lastig zijn om voldoende voeding binnen te krijgen, voeding welke wel nodig is voor de groei en ontwikkeling.

Daarom krijgen te vroeg geboren kindjes soms tijdelijk een neusmaagsonde. Via een slangetje dat via de neus naar de maag gaat, krijgt je kindje voldoende voeding binnen zonder dat dat veel energie kost. Wanneer je kindje via een sonde zijn/haar voeding binnen krijgt en jij de wens hebt om borstvoeding te geven, kun je gaan starten met kolven. Door te kolven komt jouw voeding op gang en kan de afgekolfde melk via de sonde aan je kindje gegeven worden. Het helpt je kindje om goed te groeien én biedt daarnaast meer bescherming tegen infecties dan kunstvoeding.

Wanneer mogen jullie naar huis?

Wanneer je met je kindje naar huis mag, is geheel afhankelijk van hoe je kindje het doet. Voordat je naar huis mag willen we dat je kindje zijn/haar lichaamstemperatuur goed op peil kan houden. Daarom zal je kindje (voordat je naar huis mag) vanuit de couveuse (deze houdt je kindje lekker warm wanneer het hem/haar zelf nog niet lukt) eerst in een open wiegje liggen. Op deze manier kan er goed gekeken worden of je kindje ook zonder couveuse zijn/haar temperatuur op peil kan houden. Ook moet je kindje goed drinken en voldoende groeien. 

Tips voor jou als ouder(s)

Wanneer je kindje te vroeg geboren wordt, is dit een intense en emotionele periode. Ook voor jullie is het een zware periode. Juist in deze periode is het daarom goed om voor jezelf te zorgen, want van nature heb je de neiging om alleen maar met je kersverse kindje bezig te zijn. Zorg voor jezelf door goed te eten, te drinken en voldoende rust te nemen. Enkel door goed voor jezelf te zorgen, kun je ook goed voor je kindje zorgen! Geef jezelf de tijd om te landen en deze gebeurtenis te verwerken.

Vanuit het ziekenhuis is er altijd een mogelijkheid om met een psycholoog te praten. Eigenlijk is er altijd een psycholoog betrokken bij de zorg voor ouders van een zieke of prematuur geboren kindje. Maak gebruik van die hulp! Het is vaak fijn om te praten met iemand over jouw ervaringen, je emoties en struggles. Dat geeft rust en ruimte. Maar vraag ook om hulp bij je dierbaren! Er staat vaak een netwerk om je heen die maar al te graag wil helpen waar nodig. Zijn er bijvoorbeeld praktische dingen waar je niet aan toe komt? Zou je het fijn vinden om naast het eten vanuit het ziekenhuis, ook zelf wat lekkers op je kamer te hebben? Schakel familie en vrienden in om even een boodschap te halen, kleinere rompertjes dan de maat 50 die je in de kast had liggen, etc! Ze staan met liefde voor jullie klaar.

Geef je kindje ook de tijd die hij/zij nodig heeft! Verwacht geen grote sprongen. Een kindje maakt kleine stapjes en ieder stapje is er een om bij stil te staan. Je kindje kan moeite hebben met het verwerken van prikkels. Doseer daarom bezoek en activiteiten, want je kindje heeft rust nodig.

Zorg voor voldoende huid-op-huidcontact door te kangoeroeën ofwel buidelen met je kindje. Wanneer dit nog niet mogelijk is, probeer dan te ondersteunen bij het troosten van je kindje in de couveuse. Dit door je handen rustig tegen het hoofdje en kontje van je kindje te leggen. Dit geeft je kindje het geborgen gevoel waar hij/zij vaak rustig van wordt.

Maak veel foto’s en schrijf iedere dag of om de dag een verhaaltje. Maak hier na deze intense periode een boekje van. Dit helpt bij de verwerking van deze periode en het is vaak fijn om terug te kunnen kijken. Door foto’s te maken en verhaaltjes op te schrijven ben je vaker veel bewuster van iedere stap die je kindje maakt!

Manon  de  Graaf

Blogpostafbeeldingen: Sue, dochter van Larissa Hoogland

Het bevallingsverhaal van Lidewij

Het bevallingsverhaal van Lidewij

Het bevallingsverhaal van Lidewij

Mijn naam is Lidewij, 31 jaar. Ik werk als creative producer en social media manager. En dit jaar voor het eerst mama geworden, van een prachtig meisje: Zoë-May. Tijdens mijn zwangerschap heb ik de Bevalwijzer complete bevalcursus gevolgd bij lieve Manon. Ook heb ik een aantal boeken (zoals “Mama’en” van Nina Pierson) en de ervaringen van andere moeders gelezen. Ik wilde goed genoeg voorbereid zijn zodat ik wist wat ik kon verwachten en met enige kennis van zaken een goede keuze zou kunnen maken uit de verschillende scenario’s en mogelijkheden mochten die zich voordoen. 

Ik was niet persé bang voor de bevalling, ik had er stiekem best wel zin in! Wij wisten niet of we een meisje of jongen zouden krijgen dus ik was vooral erg nieuwsgierig naar ‘wie’ er in mijn buik zat! Ik vond zwanger zijn echt heel leuk en had gelukkig ook best een fijne zwangerschap, met weinig kwaaltjes en geen last van gierende hormonen. Dus ik ging al best relaxed de bevalling in. Helaas was met 38 weken mijn bloeddruk ineens erg hoog, mijn lichaam vond het niet meer zo fijn om zwanger te zijn. Daardoor zou ik misschien ingeleid moeten worden. Daar zag ik wel echt tegenop omdat ik me een natuurlijke bevalling zonder fratsen had voorgesteld. 

Wel wist ik dat ik heel graag (poliklinisch) in bad wilde bevallen. Dat warme water leek me een heerlijke, natuurlijke pijnstiller. Ik had m’n rustgevende ‘birth playlist’ al gemaakt op Spotify en de kaarsen zaten bij wijze van spreken ook al in m’n vluchtkoffer! 

De bevalling verliep heel anders dan ik had bedacht!

Tijdens een reguliere check bij de verloskundige werden we doorgestuurd naar het ziekenhuis met hoge bloeddruk. Ze wilden het toch nog een weekendje aankijken en zouden me daarna inleiden als de bloeddruk nog steeds hoog was.

Ons mopje had besloten dat ze er zelf ook wel klaar mee was, want op zondagmiddag braken gelukkig spontaan mijn vliezen. Spannend, het gaat beginnen! Omdat we medisch waren, zijn we meteen opgenomen in het ziekenhuis. Het hartfilmpje van de baby en mijn bloed en urine zagen er gelukkig allemaal goed uit.

Omdat mijn baarmoedermond nog niet genoeg verstreken was, kreeg ik daar medicijnen voor (om het rijpingsproces verder in gang te zetten). Langzaam begonnen de weeën steeds heftiger te worden. Poeh, pittig! De eerste centimeters gingen erg traag daardoor vond ik het echt heel moeilijk om in de ontspanning te blijven en het weg te puffen.

Op een gegeven moment, zo rond 3 centimeter, vond ik de pijn echt heel heftig. Ik was onwijs moe. Bij 3cm kreeg ik daarom een morfineprik met slaapmiddel maar helaas knalden de weeën er dwars doorheen. Slapen zat er dus niet in! Na enkele uren heb ik met 5 cm de verlossende ruggenprik gekregen, wat een feest! Ik heb toen zelfs nog 2 uur kunnen slapen. Ik vond het best ingewikkeld om de motivatie te blijven vinden toen die eerste centimeters zo lang duurden. Wat mij tijdens de bevalling erg geholpen heeft is de loop die we tijdens de Complete Cursus uitgebreid besproken hebben met Manon. De actieve ontspanning bereiken en de bijbehorende ademhalingsoefeningen waren erg prettig. De steun van mijn vriend was ook erg fijn, Maar eerlijk gezegd zat ik ook lekker in m’n eigen bubbel. Maar toch zijn die lieve en steunende woorden heel fijn.

Toen ik om 8 uur sochtends wakker werd had ik ontzettende persdrang. En daar kwam dan gelukkig het verlossende woord: ik had volledige ontsluiting en mocht gaan persen! Het was nog even spannend want tijdens het persen daalde de hartslag van ons kindje en dachten ze zelfs even aan een keizersnede. Gelukkig ging het persen erg vlot, na een kwartiertje alles geven was ons kindje er. Dat moment waarop ons kindje op mijn borst werd gelegd was magisch. Wij wisten het geslacht niet dus het was echt een mega verrassing om die samen ter plekke te ontdekken. Gelijk tussen die beentjes gespiekt en JAAAA, wat leuk! Een meisje! 

Het verliep dus allemaal heel anders dan ik had bedacht, haha! Maar ondanks dat het totaal anders is gelopen kijk ik er wel onwijs positief op terug. 

Waar ik heel veel aan heb gehad: loslaten! 

Het idee van mijn perfecte bevalling loslaten, de wens om het zonder pijnbestrijding te willen doen loslaten… Uiteindelijk is alles totaal anders gelopen dan gepland maar ik heb de hele bevalling  als ontzettend positief ervaren. Ik voel me ontzettend sterk: wij vrouwen doen dit maar mooi!! 

Visualisatie

Ik had een hele bijzondere visualisatie voor mezelf bedacht die me zou helpen bij m’n ademhaling en het focussen op de ontspanning. Tijdens een reis door Australië heb ik samen met mijn vriend een prachtige coastal walk gedaan langs de meest idyllische stranden rondom Sydney. Iedere keer wanneer er een wee kwam liep ik in gedachte weer een stuk van die coastal walk. Het zonnetje scheen, ik hoorde het ruisen van de zee en voelde de frisse wind op m’n gezicht. Het hielp niet altijd 😉 maar die mooie herinneringen brachten me een heel eind. Maar eerlijk is eerlijk: de verlichting kwam pas écht na die ruggenprik.

Inmiddels zijn we drie maanden verder en het gaat onwijs goed met ons! Ik kan echt oprecht zeggen dat ik er onwijs van geniet!

Manon  de  Graaf

Foto’s blog: Gemaakt door Emma Peijnenburg en door Lidewij haar vriend

Persdrang! En nu?!

Persdrang! En nu?!

Persdrang, oh my! En nu dan?

Ineens het gevoel alsof je ontzettend nodig moet poepen, de drang om te persen. Een partner die enigzins in paniek raakt, want wat nu??! Het komt gelukkig niet vaak voor, vooral niet als het je eerste kindje is. En als het zo snel gaat, is dit een goed teken en komen er vaak geen complicaties bij kijken. In deze blog zullen wij uitleggen wat persdrang is en wat je het beste kunt doen in zo’n situatie.

 

Wat is persdrang?

Wanneer je (bijna) volledige ontsluiting hebt zakt je kindje verder je bekken in. Je kindje zal daarmee op het laatste gedeelte van je darm gaan drukken, de endeldarm. Door de druk op de endeldarm ervaren veel vrouwen het gevoel alsof ze heel nodig moeten poepen. Dit is een signaal dat de persfase zich aandringt.

De persweeën zijn vaak nog krachtiger dan de ontsluitingsweeën en voelen anders. Deze krachtige weeën heb je nodig om je kindje door het baringskanaal te kunnen duwen. Wanneer je geen persdrang hebt, krijg je minder sturing vanuit je lijf. Dan moet je veel op eigen kracht doen en dit kan soms best een uitdaging zijn. Daarom zijn wij als verloskundigen eigenlijk altijd heel erg blij met persdrang. De krachtige weeën duwen het kindje al dieper (uitdrijvende kracht) en geven je lijf veel sturing.

Het kan zo zijn dat je af en toe tijdens een wee al meer druk ervaart, maar nog niet bij iedere wee. Zo nu en dan het gevoel alsof je moet poepen. We laten dit gevoel eigenlijk altijd toenemen tot dat je reflectoire persdrang krijgt. Reflectoire persdrang is onophoudbare persdrang. Je voelt dan aan je lijf dat je de wee niet meer weg kunt zuchten en je buikspieren spannen als een reflex aan. Je hebt het gevoel dat je niets anders kunt dan meepersen.

Maar wat als je reflectoire persdrang krijgt en de verloskundige is er nog niet?

Allereerst wil ik je geruststellen, want dit komt echt bijna niet voor. Je hoeft dus niet bang te zijn dat de bevalling zo snel gaat dat de verloskundige niet op tijd is. Maar wat als je wel wakker wordt, al snel wee na wee weg moet zuchten en weinig pauzes hebt? Het volgende moment krijg je het gevoel alsof je ontzettend nodig moet poepen, de onophoudbare drang om te gaan persen. Wat dan?

Weet dat jouw verloskundige je perfect telefonisch kan begeleiden tijdens dit proces. Je hoeft de volgende stappen dus ook echt niet uit je hoofd te leren of te gaan googlen om te kijken hoe het ook alweer zat. Je verloskundige probeert zo snel mogelijk bij je te zijn!

Wat te doen?

  • Bel je verloskundige direct en zet haar op speaker zodat je haar goed kunt horen en jij/jullie je handen vrij hebben. De verloskundige zal direct in haar auto springen en jullie telefonisch instructies geven wat te doen. Je hoeft het dus niet alleen te doen! Indien je medisch bent, dan bel je de verloskamers van het ziekenhuis. Zij zullen je aan de telefoon houden en een verloskundige uit de buurt bellen die direct naar jullie toe zal komen
  • Zet de voordeur open voor de verloskundige. op deze manier kan zij zodra zij aankomt gemakkelijk naar binnen. Indien je partner bij je is, doet hij/zij dit. In dat geval blijf jij waar je bent.
  • Ga op handen en knieën zitten of op je linkerzij liggen. Dit aangezien dit een fijne houding is om je kindje op een hele rustige manier geboren te laten worden.
  • Blijf rustig! Het heeft geen zin om in paniek te raken, dat werkt alleen maar averechts. Vertrouw op je lichaam en het proces.
  • Blijf zuchten! Probeer ondanks de persdrang die je ervaart te blijven zuchten. Indien dat op het hoogtepunt van de wee niet gaat, dan gaat dat niet. Maar probeer zoveel mogelijk weeën weg te zuchten.
  • Pak handdoeken uit de badkamer en zet eventueel het kraampakket dichtbij. Indien je partner bij je is kan hij/zij dit uiteraard doen.
  • Zuchten als het hoofdje staat. Wanneer het hoofdje diep staat krijg je op een gegeven moment een branderig gevoel. Probeer dit branderige gevoel weg te zuchten en hier niet direct doorheen te persen. Probeer het hoofdje van je kindje al zuchtend geboren te laten worden. Het kan hierbij helpen om te doen alsof je duizenden kaarsjes uit blaast: pff-pff-pff-pff-pff-pff-pff-pfffffff, pff-pff-pff-pff-pff-pff-pff-pfffffff.
  • Ondersteun het hoofdje van je kindje als hij/zij geboren wordt. Vaak is tegen die tijd de verloskundige er al en zal zij dit uiteraard doen, maar mocht zij dit niet redden probeer het hoofdje van je kindje dan goed te ondersteunen.
  • Navelstreng afhalen: Het komt nog wel eens voor dat de navelstreng van je kindje om zijn/haar nekje zit. Dit is niet erg. Je kunt de navelstreng vaak gemakkelijk over het hoofdje afhalen. Je beweegt de navelstreng dan over het hoofdje heen waardoor je kindje daarna geboren kan worden.
  • Na de geboorte van het hoofdje volgen vaak de schouders van je kindje spontaan. Mocht dit niet gelijk gebeuren, probeer dan zelf/als partner het hoofdje van het kindje naar de billen van moeder te bewegen.  Daarbij wordt vaak de schouder aan de kant van haar buik geboren. Als deze schouder zichtbaar is, kun je het kindje naar de buikkant van moeder bewegen en flubbert vaak het lijfje er achteraan (met een grote plons aan vruchtwater).
  • Je kunt je kindje nu zelf aanpakken. Leg je kindje op je borst en droog hem/haar af met de doeken die je klaar hebt gelegd.
  • Laat je kindje lekker bloot op jouw blote borst liggen en bedek hem/haar goed met de doeken. Probeer het hoofdje van je kindje goed warm te houden met een doek of een mutsje. Door huid op huid contact toe te passen blijft je kindje goed warm. 
  • De navelstreng en de placenta kun je laten zitten tot dat de verloskundige er is (maar vaak is ze er al even!).

Manon  de  Graaf

Wanneer slaapt je kindje in zijn/haar eigen kamertje?

Wanneer slaapt je kindje in zijn/haar eigen kamertje?

Rooming-in

We zien het vaak: zo rond de 20-30 weken is de baby kamer klaar voor gebruik, toch slapen de meeste kindjes de eerste maanden na hun geboorte (meestal 6-12 maanden) bij hun ouder(s) op de kamer. Dit noemen de rooming-in. Op deze manier heb je goed zicht op je pasgeboren frummel en het is uiteraard handig wanneer je borstvoeding geeft.  Je bent dicht bij je kindje wanneer hij/zij huilt en hoort de geluidjes die hij/zij maakt. Daardoor ben je er vlug bij wanneer er iets aan de hand is. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat rooming-in de kans op wiegendood verminderd en helpt het bij een veilige hechting. Wanneer je kindje bij jou in de buurt ligt, zal hij/zij zich veilig en geborgen voelen.

Natuurlijk erg prettig, maar het kan er ook voor zorgen dat jij zelf wat onrustiger slaapt. We zien het vooral bij ouders die hun eerste kindje gekregen hebben. Ze ontwikkelen een scherp functionerend ‘zesde zintuig’ dat elk geluidje en iedere beweging registreert, waardoor ze licht of onrustiger slapen.

Er komt een moment waarop je je kindje op zijn/haar eigen kamertje wil laten slapen. Dit noemen we rooming-out, je laat je kindje dan in zijn/haar eigen kamertje slapen. Hoe zit dit precies en hoe kun je dit het beste aanpakken?

 

Bedding-in: de co-sleeper

Rooming-in is wel weer iets anders dan bedding-in. Wanneer we het over bedding-in hebben, slaapt je kindje in een co-sleeper (aanschuifbedje) tegen jouw bed aan.

Rooming-out

Uiteraard is de keuze voor rooming-in helemaal aan jou, zo ook de keuze voor het moment waarop je je kindje in zijn/haar eigen kamertje laat slapen. Doe vooral waar jij je goed bij voelt. Maar wanneer laat je je kindje dan op zijn/haar eigen kamertje slapen? Je kunt bijvoorbeeld een mijlpaal kiezen voor rooming-out: bijvoorbeeld als je kindje ‘s nachts geen voeding meer nodig heeft, of als hij/zij meer dan zes uur achter elkaar doorslaapt. Ook kun je ervoor kiezen dat je je kindje op zijn/haar eigen kamertje laat slapen wanneer hij/zij zich zelfstandig kan omrollen van buik naar rug.

Echter is je eigen gemoedstoestand hierin ook erg belangrijk, want merk je dat je van ieder geluidje of iedere beweging van je kindje wakker wordt? Dan kun je je voorstellen dat je licht en onrustig slaapt en daardoor erg weinig uren slaap pakt. Dan is het waarschijnlijk beter om je kindje al eerder op zijn/haar eigen kamertje te laten slapen.

Hoe pak je het aan?

Voor de meeste kindjes is het behoorlijk wennen om opeens alleen op een kamer te liggen, zonder het vertrouwde geluid van de ademhaling en bewegingen van zijn/haar ouders. Om een te grote overgang (en daarmee veel onrust) te voorkomen, is het verstandig om rooming-out stap voor stap aan te pakken. 

 

  1. Zorg voor een vast bedritueel: De meeste kindjes ontwikkelen zo rond 6-8 weken een dag- en nachtritme. Dat is dan ook de tijd om te starten met een vast bedritueel. Zorg er dus voor dat je tijdens de rooming-in al een bedtijdroutine creëert. Probeer daarom iedere avond alle stapjes in dezelfde volgorde te doen voordat je je kindje in bed legt. Bijvoorbeeld: wassen, pyjama aan, slaapzak aan, liedje zingen en nog een voeding geven.
  2. Laat je kindje overdag aan het kamertje wennen: Het kan helpen om je kindje eerst overdag in zijn/haar eigen kamertje te laten slapen. Uiteraard kan het ook zijn dat je kindje de eerste avond(en) echt wel wat meer geruststelling nodig heeft dan dat je van hem/haar gewend bent. Dat is volkomen normaal! Probeer je kindje te kalmeren door een liedje te zingen, een playlist aan te zetten zoals pink/white noise (dit werkt vaak heel goed!) of geruststellend zijn/haar gezichtje/buikje of ruggetje te strelen.
  3. Avonden proberen: Wanneer het overdag goed gaat, dan kunnen jullie door naar de volgende stap: de avonden. Leg je kindje dan na het vaste bedritueel wakker in zijn/haar eigen kamertje. Ga het kamertje uit, maar zorg ervoor dat je je kindje nog wel hoort door de deur bijvoorbeeld op een kiertje te laten staan. Is hij/zij erg onrustig of aan het huilen? Ga dan naar je kindje toe, probeer je kindje niet direct uit zijn/haar bedje te halen maar in bed te troosten. Ook hier kan de afspeellijst pink/white noise erg goed helpen. Het kan helpen om je hand zachtjes op hem/haar buikje/schouders te leggen. Is je kindje rustig? Haal dan je hand rustig weg, maar laat de afspeellijst nog even aan staan.
    Huilt je kindje? Dan mag je het gerust eventjes aankijken, je kindje even laten huilen kan echt geen kwaad. Maar lukt het niet om je kindje in zijn/haar bedje te kalmeren en blijft hij/zij huilen? Dan is mijn advies om je kindje eruit te halen en op je arm te kalmeren. Is hij/zij weer rustig, leg je kindje dan weer terug in het bedje. Lukt dit ook niet? Probeer het dan een volgende keer opnieuw. Het heeft even tijd nodig!

Leestips kraamperiode!

Manon  de  Graaf